2
Definities van soorten
vegetariërs
-
Lacto-vegetarisme: de meest
voorkomende vorm; een vorm van vegetarisme
waarbij men wel melkprodukten, maar geen eieren
gebruikt. Voor de productie van eieren worden
veel mannetjeskuikens met de shredder
vernietigd. Men moet goed letten op de
eiwitinname: granen, bonen, noten en kaas. De
meeste vegetariërs in India en in het
Middellandse Zeegebied.
-
Vedisch-vegetarisme: geen vlees,
vis, ei, ui, knoflook, champignons, koffie,
zwarte thee en chocolade [Vedisch: alles
aangaande de geestelijke kennis van de Veda's en
literatuur in navolging ervan (Upanishad's,
Purâna's, Itihasa's)].
-
Ovo-vegetarisme: een vorm van
vegetarisme waarbij men wel eieren, maar geen
melkproducten gebruikt.
-
Lacto-ovo-vegetarisme: een vorm
van vegetarisme waarbij men zowel melkproducten
als eieren gebruikt.
-
Vis-vegetarisme: men eet als een
lactovegetariër, maar dan ook vis, in feite
zijn dit geen echte vegetariërs omdat ze
dus gewoon koudbloedige dieren wel
eten.
-
Veganisme: een vorm van
vegetarisme waarbij geen enkele vorm van
dierlijk voedsel wordt gegeten en ook geen
leerproducten worden gebruikt. Deze mensen
moeten goed denken aan hun vitamine B12 en
plastic of linnen schoenen dragen. Moeten
lijnzaadolie nuttigen voor hun essentiële
vetzuren.
-
Flexitariër of parttime vegetariër:
de vegetariër die ook vlees eet. Kookt
minimaal vier keer per week een vegetarische
maaltijd, niet uit principe, maar omdat het
gezond zou zijn. De Hollandse reden om vlees te
laten staan heeft minder met gezondheid, en meer
met het milieu en dierenwelzijn te maken. Als
buiten de deur gegeten wordt kiest men
gemakshalve voor een vleesgerecht. 'Met de
hoeveelheid water die nodig is om een biefstuk
te produceren kan je 1300 keer douchen.
Eén keer per week geen vlees eten
betekent dat er twee hele dieren per jaar minder
worden geslacht. Japanse wetenschappers
berekenden dat één kilogram
rundvlees net zoveel energie verbruikt als drie
uur autorijden, terwijl thuis alle lichten
blijven branden.' Vegetariërs wegen over
het algemeen minder, hun cholesterol daalt
aanzienlijk, diabetespatiënten kunnen toe
met minder medicijnen en vegetariërs leven
ruim 3,5 jaar langer dan niet-vegetariërs.
'Principieel geen vlees eten is voor veel mensen
gewoon te moeilijk. Flexitariër zijn is een
goed alternatief.' (bron: Volkskrant 21-10-07).
- Alleen
fruit: is de meest extreme vorm van
vegetarisme. Mensen die enkel fruit eten
respecteren niet alleen het leven van dieren,
maar ook van bomen en planten. Daarom eten ze
(in het meest extreme geval) slechts fruit en
noten, omdat de boom of plant daarbij in leven
blijft en fruit en noten zijn bedoeld als
voedsel. Deze mensen moeten voedingssupplementen
gebruiken om geen tekorten te krijgen want
alleen fruit is te eenzijdig. In de natuur
worden chimpansees b.v. die alleen fruit en
bladeren eten na een paar dagen agressief en
doden ze een andere aap om die op te eten voor
hun eiwitten en vitaminen. Mensen hebben vrijwel
dezelfde spijsvertering als de apen. Gorillas
die zuiver plantaardig zijn b.v. moeten de hele
dag maar dooreten en aan stenen likken e.d. om
toch nog hun noodzakelijke mineralen en andere
voedingsstoffen bij elkaar te krijgen.
3
Diepere betekenis
De meeste
vegetariërs zijn mensen die begrepen hebben
dat we om bij te dragen aan een meer vreedzame
samenleving eerst het probleem van het geweld in
onszelf moeten oplossen. Het is daarom niet
verbazingwekkend dat duizenden mensen van
verschillende levenswandel op zoek naar de
waarheid vegetariër geworden zijn.
Vegetariër zijn is een essentiële stap
in de richting van een betere samenleving, en
mensen die de moeite nemen om over de voordelen
ervan na te denken, bevinden zich in het
gezelschap van grote persoonlijkheden als
Pythagoras, Socrates, Plato, Clemens van
Alexandrië, Boeddha, Leonardo da Vinci,
Koning Âs'oka (273 BC-232 BC), Jezus
Christus, Mohammed, S'ri Caitanya
Mahâprabhu, Montaigne, John Milton, Thomas
Moore, Isaac Newton, Voltaire, Benjamin
Franklin, Jean Jacques Rousseau, Henry David
Thoreau, Leo Tolstoy, George Bernard Shaw,
Bhagavân S'ri Sathya Sai Baba, A.C.
Bhaktivedanta Swami Prabhupâda (zie ook
Prabhupâda en de franse priester over
vegetarisme - "slaughterhouses
must be stopped"),
Bhagwan Shree Rajneesh, Albert Einstein,
Rabindranath Tagore, Mahatma Gandhi, Henriette
Roland Holst, Albert Schweitzer, Wouter J. Bos,
Rudolf Steiner en vele anderen.
Planten
zijn de enige levende wezens in staat hun eigen
voedsel voort te brengen.

4
Argumenten om vegetariër te
worden
- Het
wereldvoedselprobleem: het voedsel dat
nu gebruikt wordt voor de groei van dieren
(lees: de vleesproductie) kan efficiënter
aangewend worden om de honger te bestrijden. Een
dier eet vele malen meer voedsel dan het via de
slacht uiteindelijk zal opleveren. Men kan dus
vegetariër worden uit solidariteit met de
hongerende medemens.
- De
zorg voor het milieu (lucht, bodem,
water): voor de productie van
plantaardig voedsel is minder landbouwgrond
nodig dan voor vleesproductie. Het mestoverschot
(ammoniak) en de gebruikte medicijnen belasten
het milieu.
-
Medeleven met dieren: dit motief
kan voortkomen uit een afkeer van de
bio-industrie of bezwaar tegen het doden van
dieren.
-
Religieuze of spirituele redenen:
mededogen met alle levende wezens als basis voor
gelijkheid, vrede en geestelijke gezondheid.
Volgens de gouden regel doet men een ander wezen
niet aan wat men niet zelf wil ondergaan. Het
belang van de ander als dat van jezelf te
herkennen is de basis voor de verbondenheid, het
mededogen en de naastenliefde in God. De basis
ervoor stamt uit de vedische cultuur waarin
ahimsa de basis vormt voor de verzaking (yama)
in de yogafilosofie. Later drong dit o.a. door
in de christelijke kloosterregel van Benedictus.
Vegetarisme vormt de spirituele basis van alle
grote wereldreligies. Monnikken van alle
religies beoefenen het als een basisprincipe in
spirituele zelfrealisatie. Het vormt een
basisvoorwaarde voor stabiliteit in geestelijke
vereniging; alleen door geweldloosheid
(mededogen), niets verwonden en onschadelijk
zijn te bereiken en al het onnodig destructieve
en onrechtvaardige af te wijzen is er
veiligheid, zekerheid en voorspoed mogelijk in
het individuele en sociale leven (zie verder
hieronder over religies apart). Deze uitleg
leidt tot een vegetarisch dieet.
-
Redenen van menselijke gezondheid:
sommige studies beweren dat
vegetariërs gezonder zijn en langer leven
dan vleeseters. Andere studies weerleggen dit.
Ook zijn er studies die erop wijzen dat de
consumptie van vis en gevogelte gezonder is dan
die van wild, rund- en varkensvlees. Er zijn ook
studies die bewijzen dat vegetariërs minder
kans hebben op sommige vormen van kanker (soms
zelfs tot 50% minder kans) en hartklachten. Ook
verlaagt een vegetarisch dieet de kans op
galstenen, nierstenen en osteoporose.
- De
smaak: sommige mensen hebben een afkeer
van vlees of kunnen de smaak ervan niet
verdragen.
Why
be Vegetarian?
5
Gezondheid en Voeding
Kan een
vegetarisch dieet de gezondheid verbeteren of
herstellen? Voorstanders van het vegetariër
zijn hebben al jarenlang "ja" op deze vraag
geantwoord, maar men kreeg in eerste instantie
maar weinig steun van de wetenschap. Nu hebben
medische onderzoekers echter bewezen dat er
verband bestaat tussen het eten van vlees en
dodelijke ziekten als hartkwalen en kanker.
Sindsdien wordt het vegetariër zijn met
andere ogen bekeken. 1)
Vanaf de jaren
zestig hadden wetenschappers al het vermoeden
dat een op vlees gebaseerd dieet op een of
andere manier verband hield met de ontwikkeling
van arteriosclerose (aderverkalking) en
hartziekten. In 1961 stond er in het Journal of
the American Medical Association dat: "Negentig
tot zevenennegentig procent van de hartziekten
voorkomen kan worden door een vegetarisch
dieet." 2)
Sinds die tijd
hebben verscheidene wetenschappelijke studies
aangetoond dat het eten van vlees, nà het
gebruik van alcohol en tabak, de voornaamste
doodsoorzaak is in West-Europa, de Verenigde
Staten, Australië en andere welvarende
gebieden in de wereld. 3)
Het menselijk
lichaam is niet in staat de zeer grote
hoeveelheid dierlijk vet en cholesterol te
verwerken. 4)
Een
opiniepeiling onder 214 wetenschappers die in
drieëntwintig landen onderzoek deden op het
gebied van arteriosclerose (aderverkalking),
liet zien dat ze bijna unaniem van mening waren
dat er een verband bestaat tussen het dieet, het
cholesterolgehalte en hartziekten.
5)
Dr. Ir. R.J.J.
Hermus, wetenschappelijk medewerker aan de
Landbouw Hogeschool in Wageningen en adviseur
van de Hartstichting, verklaarde in dit verband:
"Wij zijn het er als voedingsdeskundigen nu
langzamerhand unaniem over eens, dat een min of
meer vegetarische leefwijze het enige en beste
cholesterolverlagende dieet is. En minder
cholesterol in het bloedserum betekent minder
kans op vaatvernauwing en het gevreesde
hartinfarct. Een vegetarische voedingswijze zou
ons dus na korte tijd al van welvaartsziekte
nummer één kunnen afhelpen."
6)
Ook hebben
wetenschappers aan de Universiteit van Milaan en
het Academisch ziekenhuis van Maggiore
aangetoond, dat plantaardige eiwitten goed zijn
om het cholesterolgehalte laag te houden. In een
verslag in het Engelse medische tijdschrift
The Lancet concludeert D.C.R. Sirtori, dat
"mensen die een dusdanig hoog cholesterolgehalte
hebben dat het hartkwalen zou kunnen
veroorzaken, beslist baat kunnen hebben bij een
dieet waarvan de eiwitten uitsluitend afkomstig
zijn uit groenten." 7)
Hoe zit het
dan met kanker? Wetenschappelijk onderzoek van
de laatste twintig jaar wijst duidelijk op een
verband tussen het eten van vlees en kanker van
de dikke darm, de endeldarm, de baarmoeder en de
borst. Deze vormen van kanker komen veel minder
voor bij mensen die nauwelijks of geen vlees
eten, zoals de Japanners (die weer meer frequent
andere vormen van kanker als slokdarmkanker
krijgen door gerookte vis en alcohol) en
Indiërs. Deze vormen van kanker komen
echter veel voor onder bevolkingsgroepen die een
grote hoeveelheid vlees eten. 8)
Een ander
artikel in The Lancet deelt ons mee:
"Mensen met een relatief groot aantal gevallen
van darmkanker, leven over het algemeen op een
dieet dat veel vet en dierlijke eiwitten bevat.
Mensen die in gebieden wonen waar het aantal
gevallen kleiner is, leven echter op een dieet
dat grotendeels vegetarisch is, met weinig vet
of dierlijke producten." 9)
Rollo Russel
zegt in zijn Notes on the Causation of Cancer:
"Ik heb ontdekt dat negentien van de
vijfentwintig landen waar veel vlees gegeten
wordt een hoog kankercijfer hadden en maar
één een laag cijfer. Van de
vijfendertig landen waar weinig of geen vlees
gegeten werd, had er niet één een
hoog cijfer."
Waarom lijken
vleeseters veel vatbaarder te zijn voor dit
soort ziekten? Een algemene reden die door
biologen en voedingsdeskundigen gegeven wordt,
is dat het darmkanaal van de mens gewoon niet
geschikt is om vlees te verteren. Vleesetende
dieren hebben een kort darmgestel (zo'n driemaal
de lichaamslengte), zodat ze het ontbindende,
gifproducerende vlees snel uit het lichaam
kunnen werken. Aangezien plantaardig voedsel
veel minder snel rot dan vlees, hebben
planteneters een darmgestel van minstens zesmaal
de lengte van hun lichaam. De mens heeft een
lang darmgestel, zoals een herbivoor. Als hij
vlees eet, kunnen de gifstoffen de nieren dus
overbelasten, wat tot jicht, artritis,
rheumatisme, kanker en vele andere ziekten kan
leiden. 10)
Daarnaast zijn
er nog de chemicaliën die aan het vlees
worden toegevoegd. Zodra een dier geslacht is,
begint het vlees te rotten en na enige dagen
krijgt het een ziekelijke, grijsgroene kleur. De
vleesindustrie verbergt dit door allerlei
nitraten, nitrieten en andere
conserveringsmiddelen aan het vlees toe te
voegen, zodat het een "aantrekkelijke" rode
kleur krijgt. Onderzoek heeft echter aangetoond
dat veel van deze conserveringsmiddelen
kankerverwekkend zijn. 11)
Wat de zaak
verergert is de enorme hoeveelheid
chemicaliën die aan het slachtvee gevoerd
wordt. Gary en Steven Null wijzen ons in hun
boek Poisons in Your Body op feiten waardoor men
zich nog wel eens zou bedenken, voordat er weer
biefstuk of speklap wordt gekocht. "De dieren
worden in leven gehouden en vetgemest door een
voortdurende toediening van verschillende
kalmeringsmiddelen, antibiotica, hormonen en nog
zo'n 2700 andere medicijnen. Deze behandeling
begint al voor de geboorte en gaat door tot lang
na de dood van het dier. Hoewel deze medicijnen
nog steeds in het vlees aanwezig zijn als u het
eet, verlangt de wet niet dat ze op de
verpakking worden vermeld."
Het is vanwege
dit soort bevindingen dat de American National
Academy of Sciences in 1983 heeft vastgesteld,
dat mensen de meeste vormen van kanker zouden
kunnen voorkomen door minder vlees te eten en
meer groenten en granen. 12)
Is het menselijk lichaam er dan niet op gebouwd
om vlees te eten? Hebben we dan geen dierlijke
eiwitten nodig? Het antwoord op beide vragen is
"nee". Hoewel antropologen en historici zeggen
dat de mens historisch gezien een omnivoor
(alleseter, zowel plantaardig als dierlijk
voedsel) is, laat onze anatomische uitrusting -
gebit en spijsverteringssysteem een voorkeur
zien voor een vleesloos dieet. De American
Dietetic Association heeft vastgesteld dat "het
grootste deel van de mensheid voor het grootste
deel van de geschiedenis op een vegetarisch of
overwegend vegetarisch dieet heeft geleefd."
Sinds die tijd heeft het lichaam van de mens
zich niet aangepast aan het eten van vlees. De
Zweedse wetenschapper, Karl von Linne,
verklaarde: "Als we de lichaamsbouw van de mens,
zowel inwendig als uitwendig, met die van een
dier vergelijken, dan blijkt dat zijn
natuurlijke voedsel dient te bestaan uit
groenten en vruchten." Het nu volgende schema
vergelijkt de anatomie van de mens met die van
herbivore en carnivore dieren en laat duidelijk
zien dat dit inderdaad het geval is.
Grassen
zijn de enige, grootste bron van rijkdom op
aarde.

Wat het
probleem van de eiwitten betreft kan het
volgende worden gezegd: De dagelijkse
hoeveelheid eiwitten die 20 jaar geleden
officieel aanbevolen werd is gedaald van 150
gram naar 45 gram, de hoeveelheid die op dit
moment geldt. Waarom? Omdat betrouwbaar
wetenschappelijk onderzoek over de gehele wereId
aangetoond heeft dat we helemaal niet zo veel
eiwitten nodig hebben en dat de feitelijke
behoefte niet meer bedraagt dan 30 tot 45 gram
per dag. Het eten van meer eiwitten dan we
dagelijks nodig hebben is niet alleen een
verspilling, maar kan in feite heel schadelijk
zijn voor het lichaam en wordt zelfs gezien als
de oorzaak van ziekten als kanker en hartkwalen.
Om 45 gram eiwit per dag uit uw dieet te halen
hebt u beslist geen vlees nodig; die kunt u uit
een 100% vegetarisch dieet halen, dat bestaat
uit allerlei soorten granen, groenten, bonen,
noten en fruit. Melkprodukten, granen, bonen en
noten zijn stuk voor stuk geconcentreerde
eiwitbronnen. Kaas, pinda's en linzen bevatten
meer eiwitten per 100 gram dan hamburgers,
varkensvlees of biefstuk (zie vitaminentabel).
13)
Toch dachten
voedingsdeskundigen tot voor kort dat alleen
vlees, vis, eieren en melkprodukten volwaardige
eiwitten bezaten (d.w.z. die de acht aminozuren
bevatten die niet in het lichaam geproduceerd
worden), en dat alle plantaardige eiwitten niet
in staat waren volwaardige eiwitten te
verschaffen (omdat er een of meerdere van deze
aminozuren aan ontbreken). Onderzoek aan het Max
Planck Instituut in Duitsland en het Karolinska
Instituut in Zweden heeft echter uitgewezen dat
de meeste soorten groenten, fruit, zaden, noten
en granen gecombineerd in een dieet uitstekende
bronnen voor de lichaamseigen aanmaak van
volwaardige eiwitten zijn. In feite zijn deze
"onvolwaardige" eiwitten gemakkelijker op te
nemen dan de volwaardige eiwitten die in vlees
zitten. Het is bijna onmogelijk om een gebrek
aan eiwitten te krijgen als voldoende gevarieerd
natuurlijk, ongeraffineerd voedsel wordt
genoten. Het plantenrijk is de ware bron van
alle eiwitten. Vegetariërs eten het alleen
"rechtstreeks". 14)
Een teveel aan
volwaardige eiwitten in het dieet vermindert
zelfs de hoeveelheid energie in het lichaam. Aan
de universiteit van Yale heeft men een reeks
vergelijkende proeven gedaan met betrekking tot
dieet en uithoudingsvermogen. Vegetariërs
bleken het twee keer zo goed te doen als
vleeseters. Toen de hoeveelheid eiwitten van de
niet-vegetarische groep met 20% naar beneden
werd gebracht, ging hun prestatievermogen met
33% omhoog. 15)
Bovendien
heeft ook een groot aantal andere onderzoeken
uitgewezen dat een goed uitgebalanceerd
vegetarisch dieet meer energie geeft dan vlees.
Een onderzoek aan de universiteit van Brussel
heeft aangetoond dat vegetariërs
lichamelijke oefeningen twee tot drie keer vaker
konden uitvoeren dan vleeseters zonder erg moe
te worden, en dat de vegetariërs vijf keer
zo snel van hun moeheid herstelden.
'Al
het vlees is gras' - zelfs steenkool en
petroleum is plantenleven uit het
verleden.

6
Biochemie van het filognostisch
dieet
Dat we honger
krijgen van een vegetarisch dieet, en er zelfs
emotionele instabiliteit mee kunnen ervaren,
wordt veroorzaakt door een slechte
samenstelling. Men moet, als men filognostisch
is, d.w.z. van de kennis houdt, bij het dieet
steeds, meer dan bij een vleesmaaltijd, denken
aan voldoende variatie en dosering zodat men
niets tekort komt of teveel krijgt.
D.w.z.:
1) Men moet
denken aan de complementariteit van de
onvolwaardige plantaardige eiwitten, zodat,
gedurende een etmaal (niet persé voor
iedere maaltijd), steeds granen en bonen in
combinatie moeten worden gegeten, zodat het
lichaam voor zijn eigen synthese van
lichaamseigen hoogwaardig eiwit uit die
onvolwaardige eiwitten voldoende bouwstoffen kan
betrekken.
2) Daarnaast
moet men goed denken aan de vitaminen, met name
B12, aanwezig in melkproducten en zeewier. Het
is door een tekort aan deze vitamine, die
verantwoordelijk is voor een goed functionerend
zenuwstelsel, dat men honger kan krijgen (men
kan maximaal een maand zonder).
3) Verder moet
men denken aan zijn essentiële (d.w.z
levensnoodzakelijke, niet zelf aan te maken)
vetzuren, omega drie en zes ("vitamine F"),
nodig o.a. voor de opbouw van het kraakbeen.
Visolie is niet geschikt voor de vegetariër
die geen vis eet. De vegetariër moet dan
iedere dag lijnzaadolie (een à twee
eetlepes door het toetje heen) en/of een stevige
boterham met (vegetarische) kaas per dag
eten.
4) Punt vier
is het ijzer. Aanwezig in witlof, vijgen,
spinazie en broccoli. Zonder afdoende ijzer
krijgt men bloedarmoede.
5) Het element
Selenium tegen ouderdomsverschijnselen en als
anti-oxidant: eet minimaal vier boterhammen per
dag en af en toe wat paranoten die er vol mee
zitten. Denk ook aan caroteen, in wortels
aanwezig, wat goed is voor de ogen.
6) Vitamine D,
aanwezig door zonlicht, echte boter en
margarine. Met de kunstmatige vitamine D in
margarine moet men echter oppassen omdat het
lichaam daar anders op reageert dan op
natuurlijke vitaminen. Men kan in geval van een
overmaat last krijgen van kalkafzettingen door
het hele lichaam en bovendien is uit onderzoek
ook gebleken dat er een verband bestaat met het
afweersysteem, zodat de kunstmatige vitamine D
mogelijk bijdraagt tot ziekten die samenhangen
met chronische ontstekingen zoals MS en artrose.
In het algemeen moet men met kunstmatige
vitaminen (vitaminepillen) oppassen omdat een
teveel van sommige vitaminen een giftige werking
kan hebben.
7) Een half
bord groente per dag en drie stuks fruit,
iedereen weet het, de helft vergeet het. Het is
waar. Vitamine C en andere elementen houden
lichaam en geest gezond. Een tekort geeft o.a.
depressies en kan ziekten tot gevolg hebben. Op
zee kreeg men vroeger b.v. scheurbuik door een
tekort aan vitamine C.
8) Eet weinig
of geen geraffineerde suiker. Suiker is slecht
voor de tanden en het hele organisme en leidt
tot vetzucht, hartkwalen, vaatziekten, en
diabetes. Regelmatig een dag vasten, enkel sap
en melk drinkend, eens in de veertien dagen, is
bevorderlijk voor de gezondheid en verlengt de
levensduur. Een natuurlijke regelmaat naar zon
en maan geeft de best garantie om in de cultuur
geconditioneerde slechte gewoonten te
doorbreken. Het is goed voor het lichaam om af
en toe biochemisch een vakantiedag te krijgen en
de eigen vetvoorraden aan te spreken, het
voorkomt overgewicht en geneest van vetzucht.
Dit is in de genen voorgeprogrammeerd en dient
slechts ingeschakeld te worden. Evolutionair is
het normaal om af en toe een dag minder of
helemaal niet te eten. Doet men dit regelmatig,
dan stelt het lichaam zich in zijn biochemie
daarop in en heeft men er minder of geen moeite
meer mee en kan men het zelfs als een bevrijding
ervaren.
9) Eet zoveel
mogelijk natuurlijk, biodynamisch voedsel, de
natuur is de beste apotheek. Een groot deel van
alle ziekten komt voort uit slechte
voedingsgewoonten. Chemische toevoegingen,
kunstgrepen en gifstoffen belasten via het
voedsel de gezondheid en kunnen uiteindelijk
schade toebrengen en kanker
veroorzaken.
10) Ouderen
bewegen niet veel en maken van nature minder
glucosamine aan, een stof nodig om het kraakbeen
op te bouwen. Daardoor krijgen ze problemen met
de gewrichten zoals arthrose. Glucosamine is een
aminosuiker die tevens werkt als een
hongerbestrijder. Ookal is het een stof die uit
schaaldieren wordt gewonnen, is het toch ook
voor vegetariërs aangeraden om bij weinig
bewegen en ouderdom, om niet te zwaar te worden
en geen arthrose te krijgen, glucosamine als
voedingssupplement te gebruiken. Om van
overgewicht en emotionele instabiliteit af te
komen is ook de reeds besproken lijnzaadolie
behulpzaam.
7
Economie
Vlees voedt
weinigen ten koste van velen. Voor de productie
van vlees wordt graan dat mensen hadden kunnen
eten, aan slachtvee gevoerd. Volgens informatie
van het Departement van Landbouw in de Verenigde
Staten gaat meer dan 90% van al het
geproduceerde graan als voer naar slachtvee -
met name koeien, varkens, lammeren en kippen -
dat uiteindelijk op tafel terechtkomt.
16)
In Engeland is dat 85%. Maar is dat niet een
ongelofelijke verspilling van graan? Cijfers van
datzelfde Departement van Landbouw tonen aan dat
we voor bijvoorbeeld zestien kilo graan dat aan
koeien gevoerd wordt maar één kilo
terugkrijgen in de vorm van vlees.
17)
In Diet for a Small Planet vraagt F. More
Lappé ons om ons even voor te stellen dat
we achter een bord zitten met een half pond
biefstuk erop. "Stelt u zich dan een kamer voor
met 45 tot 50 mensen, ieder met een lege kom
voor zich. De hoeveelheid graan die nodig is
geweest om uw biefstuk te produceren had al deze
kommen kunnen vullen 18)."
Bovendien verspillen rijke landen niet alleen
hun eigen granen om slachtvee te voeden; ze
verspillen er ook eiwitrijk plantaardig voedsel
uit arme landen voor. Een schatting is gemaakt
dat een derde van de Afrikaanse pinda-oogst in
de magen van koeien en kippen in West-Europa
belandt 19).
Nederland
speelt hierin ook een rol; voor de
veevoedergrondstoffen die Nederland importeert
wordt elders een miljoen hectare grond gebruikt.
In onderontwikkelde landen consumeert iemand
gemiddeld 200 kilo graan per jaar, waarvan hij
het meeste ook als graan opeet. Daarentegen
verteert de gemiddelde Europeaan of Amerikaan,
zo'n 1000 kilo per jaar door er eerst bijna 90%
van aan dieren te voeren om er vlees voor terug
te krijgen. Daarmee verbruikt hij wel vijf keer
zoveel van onze voedselbronnen als de gemiddelde
Colombiaan, Indiër of Nigeriaan
20).
Dit soort feiten hebben ertoe geleid dat
voedingsdeskundigen het voedselprobleem in de
wereld als kunstmatig beschouwen. Zelfs op dit
moment produceren we al meer dan genoeg om
iedereen op onze planeet te voeden, maar het
probleem is dat we het zeer slecht verdelen of
delen. Een voedingsdeskundige van Harvard, schat
dat het terugbrengen van de vleesproductie met
maar 10%, voldoende graan zou opleveren om 60
miljoen mensen te voeden 21).
Een andere
prijs die we moeten betalen voor het eten van
vlees is de achteruitgang van ons milieu. Het
zwaar vervuilde afvalwater van slachthuizen en
fokkerijen vormt een zeer belangrijke oorzaak
van riviervervuiling. We komen er nu snel achter
dat de watervoorraden van onze planeet niet
alleen vervuild worden, maar ook uitgeput raken.
De vleesindustrie is enorm verkwistend. De
productie van slachtvee veroorzaakt tien keer zo
veel vervuiling als woongebieden en drie keer zo
veel als industrie. In hun boek Population,
Resources and Environment 23)
laten Paul en Anne Ehrlich ons zien dat er maar
zestig liter water nodig is om een kilo graan te
produceren, terwijl er voor de productie van een
kilo vlees maar liefst 2400 tot 6000 liter water
nodig is 22).
In 1984 kwam
er in Nederland een nieuw en nauwelijks te
overzien milieuprobleem aan het licht toen het
CBS de cijfers publiceerde van het mestoverschot
dat de bio-industrie met zich meebrengt.
Gezamenlijk leveren de veehouderijen jaarlijks
maar liefst 86 miljoen ton mest op. Als gevolg
daarvan ontstaan er overal waar de bio-industrie
sterk geconcentreerd is enorme mestoverschotten.
Hoewel het verboden is, wordt een belangrijk
deel van die mest op het oppervlaktewater
geloosd. Daarnaast komen er door overbemesting
van akker en grasland allerlei schadelijke
stoffen in de bodem en het grondwater terecht,
zoals fosfaten, nitraten en zware metalen. In
Nederland wordt er jaarlijks zo'n 900.000 kilo
koper in de vorm van het giftige kopersulfaat
aan het voedsel van varkens toegevoegd om de
groei van deze dieren te bevorderen. Een groot
deel daarvan komt via de mest in de grond en het
water terecht. Niet zo lang geleden is gebleken
dat de bio-industrie ook een schrikbarende
bijdrage levert aan het veelomvattende probleem
van zure regen. Zo heeft men geconstateerd dat
de ammoniak die vrijkomt uit mest voor een groot
gedeelte in de lucht vervluchtigt en oplost in
regendruppels. Eenmaal op de bodem neergeslagen
wordt de ammoniak omgezet in salpeterzuur,
waardoor de bodem en het grondwater sterk
vervuilen. Een recente berekening liet zien dat
ongeveer 80% van de totale ammoniakuitstoot in
Nederland afkomstig is van de bio-industrie. Van
de totale verzuring in Nederland, neemt de
ammoniakuitstoot 35% voor haar rekening.
Bossterfte in Brabant en Limburg is hiervan een
van de zichtbare gevolgen.
Laten we nu
even van de wereldsituatie terugkeren naar onze
eigen huishoudportemonnee. Uit een recente
(2006) steekproef bij een supermarkt bleek dat
kogelbiefstuk zo'n 17,50 euro per kilo kostte,
terwijl de ingrediënten voor een voedzame
vegetarische maaltijd minder dan 5 gulden per
kilo kosten. Een bakje met 200 gram cottage
cheese dat euro 1.19 kost, voorziet in 60% van
de hoeveelheid eiwitten die u dagelijks nodig
hebt. Een pond tofu kost 0,85 eurocent. Tofu is
een uitstekende bron van proteïnen van hoge
kwaliteit en bevat enkele B-vitaminen. Tofu en
tahoe zijn twee benamingen voor hetzelfde
product: een eiwitrijk alternatief voor vlees
dat gemaakt wordt van sojabonen. Tofu is de
Chinese naam, tahoe de Indonesische. Diëten
die rijk zijn aan dierlijke eiwitten veroorzaken
meer calciumverlies via de urine. Het vervangen
van dierlijke eiwitten door soja-eiwitten (in
combinatie met granen), kan helpen om
calciumverlies van de beenderen te verhinderen.
Als je vegetariër wordt, zou dat vele
euro's per jaar schelen; dat betekent dan
tienduizenden euro's over een heel leven. Het
spaargeld van de Nederlandse consument zou
oplopen tot miljarden euro's per jaar. Datzelfde
gaat op voor consumenten over de gehele wereld.
Als we dit allemaal in ogenschouw nemen, is het
moeilijk in te zien hoe iemand het zich
überhaupt kan veroorloven geen
vegetariër te zijn.
8
Ethiek
Veel mensen
beschouwen de ethische redenen om
vegetariër te worden als de belangrijkste.
Ethisch vegetarisch zijn begint met het besef
dat andere wezens gevoel hebben en dat die
gevoelens vergelijkbaar zijn met de onze. Dit
inzicht stimuleert ons om ons persoonlijk
bewustzijn zodanig te verruimen dat het ook het
lijden van anderen gaat omvatten. In een
verhandeling met de titel The Ethics of
Vegetarianism uit het tijdschrift van de
Noord-Amerikaanse Vereniging voor
Vegetariërs wordt een beschrijving gegeven
van de wreedheden tegenover dieren:
"Vandaag de
dag voelen veel mensen zich gerustgesteld bij de
gedachte dat dieren tegenwoordig op een 'humane'
manier geslacht worden. Op deze manier trachten
ze blijkbaar alle mogelijke humanitaire bezwaren
tegen het eten van vlees van de tafel te vegen.
Jammer genoeg is niets echter minder terecht."
Het leven van slachtdieren is van begin tot
einde onnatuurlijk en ellendig. Ze worden
opgefokt met allerlei middelen om de groei te
stimuleren, op wrede wijze en zonder verdoving
gecastreerd en/of volgespoten met allerlei
hormonen, en krijgen abnormale voeding die
bedoeld is om ze vet te mesten of hun vlees
blank te houden. Natuurlijk worden alle
"overbodige lichaamsdelen", zoals staarten,
hoektanden en snavelpunten, afgeknipt of
afgebrand. Bij al deze handelingen wordt er niet
het minste mededogen getoond. In de
bio-industrie veranderen dieren in "eenheden
voor vleesproductie". Het enige wat geldt is
efficiëntie en winst. Of de dieren daardoor
hun hele (korte) leven op elkaar gepakt in
kooitjes met draadgaasbodem moeten doorbrengen
(slachtkippen), of nauwelijks ruimte hebben om
zelfs maar te gaan liggen (kistkalveren), of met
kettingen aan een betonvloer geketend - na
kunstmatig bevrucht te zijn en volgespoten met
hormonen - in biggenmachines moeten veranderen,
doet daarbij niet ter zake. Als men al deze
wreedheden die het dier moet ondergaan "humaan"
noemt, dan heeft dat woord wel een heel
merkwaardige inhoud. Hoe dieren werkelijk
geslacht worden is niet plezierig om te
horen.
In
slachthuizen spelen zich helse taferelen af.
Krijsende dieren worden met elektrische schokken
verdoofd, of met een penapparaat behandeld.
Sommigen worden eerst aan een achterpoot omhoog
gehesen en op transportbanden door de 'fabrieken
des doods' gevoerd. Hoewel ze dan nog steeds in
leven zijn, wordt hun keel doorgesneden en
terwijl ze langzaam doodbloeden wordt het vlees
van ze afgesneden. Ongetwijfeld zouden vele
mensen vegetariër worden als ze een bezoek
aan de bio-fabrieken en het slachthuis zouden
brengen, of als ze zelf de dieren die ze aten
moesten slachten.
Ook eeuwen
geleden waren er al mensen die hun ogen niet
sloten voor de ellende die met het afslachten
van dieren gepaard gaat. Pythagoras, bekend
vanwege zijn bijdrage aan de geometrie en
wiskunde zei: "Beste medemensen, bezoedel uw
lichaam toch niet met zondig voedsel. We hebben
graan, appels die de takken onder hun gewicht
doen buigen en druiven die opzwellen aan de
wijnranken. Er zijn zoet smakende kruiden, en
groenten die boven een vuur gekookt en zacht
gemaakt kunnen worden. Ook melk en de naar tijm
geurende honing wordt jullie niet onthouden. De
aarde verschaft ons een overdaad aan onschuldig
voedsel en schenkt jullie feestmaaltijden waar
geen bloedvergieten en slachtingen aan te pas
komen. Alleen beesten bevredigen hun honger met
vlees, en nog niet eens alle beesten, want
paarden, koeien en schapen leven van gras." In
zijn verhandeling Over het Eten van Vlees
schreef de Romeinse auteur Plutarchos: "Is het
werkelijk nodig dat we ons afvragen wat voor
redenen Pythagoras had om zich van vlees te
onthouden? Ik vraag me eerder af welk ongelukkig
toeval en welke geestesgesteldheid de eerste
mens ertoe gebracht heeft het vlees van een dood
schepsel naar zijn lippen te brengen en zijn
mond te zetten aan geronnen bloed. En hoe het
kwam dat hij zijn dis spreidde met muffe, dode
lichamen en hij de naam voedsel gaf aan
lichaamsdelen die kort daarvoor nog loeiden,
brulden, bewogen en leefden? Het zijn zeker geen
leeuwen of wolven die we uit zelfverdediging
eten. Integendeel, we negeren deze dieren en
slachten onschuldige, tamme wezens die geen
tanden en angels hebben om ons kwaad mee te
doen. Omwille van dat kleine beetje vlees
beroven we ze van zon, van licht en van hun
levensduur, waar ze door hun geboorte en bestaan
recht op hebben." Vervolgens daagde Plutarchos
de vleeseters uit met de volgende woorden: "Als
jullie er zo van overtuigd zijn dat jullie door
de natuur voorbestemd zijn om vlees te eten,
doodt dan eerst zelf wat jullie willen eten. Doe
het echter uitsluitend met eigen middelen en
zonder de hulp van een slagersmes, knuppel of
bijl." Ook de dichter Shelley was een overtuigd
vegetariër. In zijn boek A Vindication of
National Diet schreef hij: "Laat ieder die een
voorstander is van dierlijk voedsel zichzelf
dwingen een afdoend experiment uit te voeren om
te kijken of hij daar inderdaad van nature voor
bestemd is; laat hem, zoals Plutarchos
aanbeveelt, een levend lam met zijn tanden aan
stukken scheuren en zijn dorst lessen door zijn
hoofd in de organen van het dier te drukken en
het dampende bloed te drinken ... dan, en
slechts dan alleen, is hij consequent." Volgens
Leo Tolstoy is het door het doden van dieren
voor voedsel dat "de mens in zichzelf, zonder
noodzaak, de hoogste geestelijke capaciteit
onderdrukt, namelijk die van mededogen en
genegenheid voor levende wezens als hijzelf. En
door zijn eigen gevoelens geweld aan te doen,
wordt hij wreed." Ook waarschuwde hij ons: "Hoe
kunnen we een ideale situatie verwachten op
aarde, zolang onze lichamen de wandelende graven
van vermoorde dieren zijn?"
Wanneer we het
respect voor het leven van dieren verliezen,
zullen we ook het respect voor het leven van
mensen verliezen. Pythagoras zei 2500 jaar
geleden: "Zij die dieren vermoorden om hun vlees
te eten, hebben eveneens de neiging hun eigen
ras te vermoorden." We zijn bang voor de
geweren, bommen en raketten van de vijand, maar
kunnen we onze ogen dan wel sluiten voor het
leed en de angst die we zelf veroorzaken door
het slachten van meer dan 1.6 miljard tamme
zoogdieren en 11.9 miljard stuks pluimvee voor
menselijke consumptie 24)?
De hoeveelheid vis die jaarlijks gedood wordt
loopt in de triljoenen, om dan nog maar te
zwijgen van de tientallen miljoenen dieren die
jaarlijks hun einde vinden in de
geautomatiseerde martelkamers van de medische en
cosmetische research-laboratoria, of die
afgeslacht of doodgeknuppeld worden voor hun
vacht of huid, of waar gewoon voor de sport op
gejaagd wordt. Kunnen we dan het feit ontkennen
dat deze gewelddadigheden ook ons meer
gewelddadig maken en onze gevoelens van
mededogen volledig afstompen? Leonardo da Vinci
schreef: "De mens is werkelijk de koning der
beesten, want zijn wreedheid overtreft de hunne.
Wij leven door de dood van anderen. We zijn
levende begraafplaatsen!" Hij voegde eraan toe:
"Er komt een tijd waarin de mensen de moord op
dieren zullen veroordelen zoals nu de moord op
mensen veroordeeld wordt." Mahatma Gandhi was
ervan overtuigd dat ethische principes een
sterkere basis waren om een levenslang
vegetarisch dieet te volgen dan
gezondheidsredenen. "Ik denk werkelijk" zei hij,
"dat het voor onze geestelijke ontwikkeling
noodzakelijk is dat we ermee ophouden onze
medeschepselen te doden omwille van onze
lichamelijke behoeften." Hij zei tevens: "De
grootsheid en morele vooruitgang van een natie
kunnen we beoordelen door te kijken naar de
manier waarop de dieren er behandeld
worden."
9
Vegetarisch zijn en de
Wereldreligies
9.1
Christendom
Vegetarisch
zijn is terug te vinden in de oorspronkelijke
leer van alle wereldreligies. Door de tijd heen
zijn vele van de geboden hierover echter door
dubieuze persoonlijkheden verkeerd
geïnterpreteerd, opzettelijk veranderd of
gewoon verworpen. De oude leerstellingen of
delen ervan werden aangepast, herschreven en
soms zelfs gewoon verduisterd. Het Nieuwe
Testament in de Bijbel is hier een goed
voorbeeld van.
In Food for
the Spirit (1987) van Steven Rosen (Satyaraja
Dasa) vinden we daar het volgende over: "Vele
geleerden hebben bevestigd dat priesters en
politici de oorspronkelijke christelijke
geschriften tijdens het Concilie van Nicea (325
na Christus) door middel van omissie en
interpolatie volledig gewijzigd hebben om ze op
die manier aanvaardbaar te maken voor Keizer
Constantijn, die toentertijd zwaar tegen de
geschriften gekant was 25).
Het was hun doel Constantijn tot het Christendom
te bekeren en deze religie zo de algemene
geloofsovertuiging van het Romeinse Keizerrijk
te maken." "De vroege christenvaders volgden een
vleesloos dieet. De geschriften van de vroege
Kerk vermelden dat vlees eten officieel niet was
toegestaan tot aan de vierde eeuw, toen Keizer
Constantijn besloot dat de christelijkheid in
het vervolg vlees zou eten en werd het een
officiële verklaring van het Heilige
Romeinse Rijk. Vegetarische christenen moesten
in het geheim hun vegetarische geloof belijden
of anders riskeerden ze de dood als atheist
(i.v.m. ketterij). Er wordt gezegd dat
Constantijn opdracht zou hebben gegeven de
christelijke vegetariërs gesmolten lood
door hun kelen te hebben laten gieten als ze
werden betrapt. En Aartsdeken Wilderforce
schreef: "Sommigen zijn zich er niet van bewust
dat de manuscripten van het Nieuwe Testament na
het Concilie van Nicea aanzienlijk veranderd
zijn. In zijn Introduction to the Textual
Criticism of the Greek Testament vertelt
professor Nestle ons dat de kerkelijke
authoriteiten bepaalde geleerden, die
'correctores' genoemd werden, benoemden en ze
feitelijk opdroegen de teksten van het geschrift
te corrigeren ten gunste van wat als orthodox
beschouwd werd 26)."
In het voorwoord op zijn vertaling van The
Gospel of the Holy Twelve geeft Dominee G.J.R.
Ousley hier het volgende commentaar op: "Deze
'correctores' hadden als taak zo nauwkeurig
mogelijk bepaalde leerstellingen van onze Heer
uit de Evangeliën te verwijderen die ze
niet van plan waren te volgen - namelijk die
tegen het eten van vlees en drinken van sterke
drank... 27)".
Steven Rosen:
"Het Nieuwe Testament komt keer op keer naar
voren met voorbeelden waarin Jezus om vlees
vraagt die vleeseters graag als een bevestiging
zien van hun eigen dietische voorkeur. Een
nauwkeurige studie van het oorspronkelijke
Grieks toont echter aan dat Jezus eigenlijk
helemaal niet om vlees vroeg. Hoewel de
vertalingen van de Evangeliën negentien
keer 'vlees' vermelden 28),
zou 'voedsel' een meer accurate vertaling zijn."
Het Griekse woord voor vlees is kreas, en dit
wordt nergens in verband met Jezus Christus
gebruikt. In het Nieuwe Testament staat nergens
een directe aanwijzing dat Jezus vlees gegeten
heeft. Dit komt tevens overeen met de beroemde
voorspelling van Jesaja over de verschijning van
Jezus (Jesaja 7.14-15): "Daarom geeft de Heer
Zelf u een teken: Zie, de maagd zal vrucht
dragen en een zoon baren en zij zal hem noemen:
Immanuel. Boter en honing zal hij eten, zodat
hij weet het kwade te versmaden en het goede te
verkiezen." Het was uiteindelijk Jezus zelf die
in het Evangelie van Vrede verklaarde:
"En het vlees van geslachte dieren in zijn
lichaam zal zijn graf worden. Want ik zal u naar
waarheid verkondigen: wie doodt, doodt zichzelf,
en wie het vlees van geslachte dieren eet, eet
het lichaam van de dood." Ook zei Jezus: "Als
jullie niet vasten met betrekking tot de wereld,
zullen jullie het koninkrijk niet vinden: Als
jullie de sabbat niet vieren als sabbat, zullen
jullie de Vader niet zien." Of Jezus tijdens het
laatste avondmaal van het paaslam heeft gegeten
vormt in dit verband voor velen een groot
probleem. In zijn boek Why Kill for Food? legt
de Engelse geschiedkundige Geoffrey Rudd echter
uit dat de Pascha, het Joodse Paasfeest, op de
dag van de sabbath plaatsvond, na de kruisiging
van Jezus. Dit wordt volledig ondersteund door
het onderzoek van Dominee V.A. Holmes-Gore
29).
Ook in het Oude Testament wordt de vegetarische
levenswijze als ideaal gezien. In Genesis (1.29)
zegt God Zelf: "Zie, Ik geef u al het
zaaddragend gewas op de hele aarde met alle
bomen die zaadvruchten dragen, die zullen u tot
voedsel dienen." Een uitspraak die duidelijk
wijst op een vegetarisch dieet. Het Oude
Testament (Exodus 20.13) gebiedt eveneens: "Gij
zult niet doden." Deze welbekende uitspraak
wordt van oudsher verkeerd geïnterpreteerd,
als zou het uitsluitend betrekking hebben op
moord. De oorspronkelijke Hebreeuwse tekst luidt
echter lo tirtzach. In The Complete Hebrew
English Dictionary van Reuben Alcalay wordt
vermeldt dat met het woord tirtzach, vooral in
het klassiek Hebreeuws, "elke vorm van doden"
bedoeld wordt en niet noodzakelijkerwijs alleen
maar het doden van een mens. Jammer genoeg is
dit soort informatie (nog) niet algemeen
bekend.
Er zijn
natuurlijk ook passages in de Bijbel te vinden
waarin God de mensen toestemming gaf vlees te
eten, zoals bijvoorbeeld in het geval van Noach
en tijdens de Exodus. Maar deze gevallen waren
bijna altijd uitzonderingen en moeten niet uit
hun context gehaald worden om het eten van vlees
vanuit een religieus standpunt te
rechtvaardigen. Na de zondvloed bevond Noach
zich in een crisissituatie. Omdat vrijwel alle
vegetatie vernietigd was gaf God Noach een
consessie, niet een gebod, om vlees te eten
(Genesis 9.3). In Food for the Spirit zegt
Steven Rosen: "Men dient in dit geval wel te
onthouden dat het ideale dieet, waarvan God zei
dat het 'zeer goed' was, eerder gegeven was
[Genesis 1.29-31]. Die uitdrukking 'zeer
goed' werd nooit gebruikt in verband met enig
vleesbevattend dieet. Het is zelfs zo dat God
ons er in het volgende vers [Genesis
9.4] opnieuw aan herinnert dat we ideaal
gezien geen vlees zouden moeten eten, en het
daaropvolgende vers stelt duidelijk dat degenen
die dieren doden op hun beurt zelf gedood zullen
worden door diezelfde dieren (zie Quotes uit de
Krishna Bijbel). Sommige geleerden hebben
ontdekt dat het exacte Griekse woord dat
gebruikt werd toen Noach toegestaan werd elk
bewegend wezen te eten herpeton is
30),
wat letterlijk "reptiel" betekent."
Tijdens de
uitvaart uit Egypte schonk de Heer het volk van
Israël manna, een wondervoedsel dat elke
smaak kon aannemen die men maar wenste. Het volk
van Israël wilde echter liever vlees
hebben. God gaf ze dit vlees in de vorm van
kwartels en zei ze het een hele maand te eten
"tot het jullie neusgaten uitkomt en jullie er
misselijk van worden (Numeri 11.20)." Maar: "Nog
voordat ze hun tanden in het vlees konden
zetten, nog voordat het gekauwd was, trof de
woede van de Heer ze en sloeg Hij ze met de pest
(Numeri 11.33)." Zo zijn er vele verwijzingen te
vinden in het Oude Testament die het eten van
vlees veroordelen en duidelijk de voorkeur tonen
voor een vegetarisch dieet 31).
En Jezus zei
tegen Thomas: Wee jullie die leven in dwaling en
niet opzien naar het licht van de zon, dat
oordeelt over het Al, en neerblikt op het Al,
dat zich zal keren tegen al jullie daden, en
haar vijanden in slavernij zal voeren. En jullie
nemen ook de maan niet waar, zoals ze bij nacht
en dag op jullie afgeslachte lichamen
neerschijnt, Nag Hammadi, Het Boek van Thomas de
Kempvechter 2.7: 144 Nag
Hammadigeschriften.
Appollonius
van Tyana, een groot Meester, die leefde in
Griekenland kort voor Jezus' tijd, werd gevraagd
hoe hij in staat was wonderen te doen. Zijn
eenvoudige antwoord was: "Ik heb nooit het vlees
van dieren gegeten". Natuurlijk bedoelde hij
niet dat het afzien van het eten van vlees
alleen hem in staat stelde wonderen te
verrichten--anders zouden alle planteneters en
mensen van nature wonderen kunnen verrichten.
Hij bedoelde dat de goede conditie waarin zijn
lichaam en geest verkeerden resulterende uit het
feit dat hij een strikte vegetariër was en
dat dat hem in staat stelde zich met succes
bezig te houden met de innerlijke disciplines
die nodig zijn voor spirituele verlichting;
disciplines die hij had geleerd van de yogi's in
India.
What he meant
was that the condition of his mind and body,
resulting from being a strict vegetarian, had
enabled him to successfully engage in the inner
disciplines required for spiritual
enlightenment&endash;disciplines he had learned
from the yogis of India.
9.2
Islam
In
Thus Spoke Mohammed, de vertaling van de Hadith
door Dr. M. Hafiz Syed, vragen de discipelen van
Mohammed hem: "Worden we beloond als we zelfs
viervoeters goed behandelen en ze water te
drinken geven?" Mohammed antwoordde: "Er zijn
beloningen voor het goed behandelen van elk
dier." Met name de Sufi-traditie van de
Islam laat duidelijk de voorkeur zien voor een
vegetarisch dieet. De beroemde heilige Mir Dad
heeft gezegd dat: "Iedereen die vlees van een
ander levend wezen eet, daarvoor zal moeten
betalen met zijn eigen vlees." In zijn boek
Islamic Concern for Animals gaat AI-Hafiz
B.A. Masri in op de wreedheden tegen dieren in
naam van religie. Met citaten uit de Koran en
het onderricht van de profeet Mohammed maakt hij
duidelijk dat alle vormen van mishandeling van
dieren zonden zijn. Volgens zijn onderzoekingen
is het in de Islam zelfs verboden bomen om te
hakken.
9.3
Boeddhisme
Boeddha
stelde het principe van ahimsa, geweldloosheid
(mededogen), en het vegetarisch zijn in als de
twee fundamentele stappen op weg naar
zelfverwerkelijking. In de Dhammapada zegt hij:
"Laat de discipel zich onthouden van het eten
van vlees, om gruwelen tegenover levende wezens
te vermijden ... het voedsel voor de wijzen is
dat wat gegeten wordt door de sâdhu's
[heiligen]; en dat is geen vlees. In de
toekomst zullen er dwaze mensen zijn die beweren
dat ik het eten van vlees toestond en er zelf
ook aan deelnam, 'maar ... ik heb niemand
toegestaan vlees te eten, ik sta niemand toe
vlees te eten en zal niemand toestaan vlees te
eten, in welke vorm dan ook, op welke manier dan
ook en waar dan ook; het is iedereen
onvoorwaardelijk verboden. " Dat Boeddha
gestorven zou zijn aan het eten van bedorven
varkensvlees is dus een groot misverstand. Het
Pali-woord dat in dit verband vaak vertaald
wordt als "varkensvlees", is
sûkara-madava. Recent onderzoek heeft
echter uitgewezen dat het Pali-woord voor
"varkensvlees" sûkara-mûmsa is, en
dat met sûkara-madava, wat "de vreugde van
een varken" betekent, verwezen wordt naar de
truffel. Vandaag de dag geven vele
boeddhistische geleerden toe dat de theorie dat
Boeddha als zijn laatste voedsel varkensvlees
gegeten zou hebben een slordige veronderstelling
is zonder ook maar het geringste
wetenschappelijk bewijs.
In de latere
Pali geschriften
(palmboomblad-geschriften, de heilige taal van
Boeddhisten) werd ahimsa ook gepromoot,
verklarende dat geweldloosheid gepaard moet gaan
met kameraadschap (mettacitta), vrij zijn
van woede (avera), en afkeer van
kwaadwilligheid (abyapajja).
Ahimsa vereist verder dat men geen
woorden uitspreekt die enerzijds hardvochtig,
kwetsend of beledigend zijn (na
abhisajjana). Deze definitie omvat de
subtiele alsook de openlijke vormen van
geweldloosheid.
9.4
De Vedische Geschriften
De vedische
geschriften van India, die veel ouder zijn dan
het Boeddhisme, leggen eveneens de nadruk op
geweldloosheid (mededogen) als de ethische basis
voor vegetarisch zijn 32).
De Manusmriti (5.49) waarschuwt ons: "De
oorsprong van vlees en de wreedheid van het
vetmesten en slachten van belichaamde wezens in
ogenschouw genomen, dient de mens zich volkomen
van het eten van vlees te onthouden." En de
bestuurlijke macht diende erop toe te zien dat
dit nutteloze geweld zich niet zou verspreiden:
"O koning, als iemand niet af te houden is van
het eten van mensenvlees, het vlees van een
paard of een ander dier, en anderen van hun melk
berooft door koeien te slachten, dient u niet te
aarzelen zo'n maniak te onthoofden." (Rig-veda
10.87.16) Alle levende wezens zijn een ziel,
opgesloten in een lichaam. In de
Bhagavad-gîtâ beschrijft Heer
Krishna de ziel als de bron van het bewustzijn
en als het werkzame beginsel dat het lichaam van
ieder levend wezen in beweging brengt. Volgens
de Veda's evolueert de ziel van een levensvorm
die lager is dan die van de mens automatisch
naar de daaropvolgende hogere levensvorm. Alleen
in de menselijke levensvorm kan iemand zijn
bewustzijn op God richten en op het moment van
de dood terugkeren naar de geestelijke
wereld.
In
zijn betekenisverklaring bij het S'rîmad
Bhâgavatam (SB
5.10: 2)
'Toen hij hiermee bezig was liep de tweemaal
geboren zoon, voortdurend drie stappen voor zich
uit kijkend [om niet op mieren te
trappen], steeds uit de pas met de anderen
en schudde daardoor de draagstoel heen en weer.
Rahûgana, die dit in de gaten kreeg zei
tot de mannen die hem droegen: 'O dragers, loop
alsjeblieft in de pas! Waarom wordt deze
draagstoel zo ongelijkmatig gedragen?' zegt
S'rîla
Prabhupâda:
"Alle levende wezens moeten een bepaalde tijd in
een bepaald materieel lichaam gevangen zitten.
Ze moeten de tijdsduur die ze toebedeeld is in
dat lichaam uitzitten voor ze naar een ander
lichaam kunnen evolueren. Als een dier of ander
levend wezen gedood wordt, wordt hij
eenvoudigweg belet om de tijd die hij in een
bepaald lichaam moet doorbrengen te voltooien.
Daarom moeten we geen dieren doden om onze
zintuigen te bevredigen, want daarmee begaan we
een zonde." Kort samengevat: als een dier gedood
wordt, wordt zijn evolutie door de verschillende
levensvormen gestagneerd en degene die het
gedood heeft zal ongetwijfeld de reactie voor
zijn zondige gedrag krijgen.
Maar slaat dit
dan alleen maar op degene die het dier slacht?
Volgens de Mahâbhârata (Anu parva
115.47) (epos dat de geschiedenis verhaalt van
Bharata varsha, het rijk van India dat tot
vijfduizend jaar geleden de wereld beheerste.
Het behandelt m.n. de strijd van de edelen der
vedische cultuur ten tijde van Krishna waaruit
de Gîtâ is genomen) is het antwoord
daarop "nee": "Ook degene die het vlees koopt
maakt zich schuldig aan himsa [geweld]
door zijn rijkdom; degene die het vlees eet doet
dat door te genieten van de smaak; degene die
het dier doodt maakt zich schuldig aan himsa
door het dier daadwerkelijk vast te binden en af
te slachten. Dit zijn dus drie vormen van doden.
Degene die vlees wegbrengt of het laat halen,
degene die de ledematen van dieren afsnijdt en
degene die vlees koopt, verkoopt, of kookt en
eet - al deze personen dienen als vleeseters
beschouwd te worden." In de
Bhagavad-gîtâ (BG
5.18)
legt Heer Krishna uit dat geestelijke
volmaaktheid begint als men kan zien dat alle
levende wezens gelijk zijn. "In een volledig
geschoolde zachtgeaarde brahmaan, in een koe, in
een olifant en zeker ook in een uitgestotene,
zien zij die wijs zijn, [de ziel] met
een gelijke blik." Verder onderwijst Hij ons hoe
we de principes van geestelijk vegetarisch zijn
kunnen toepassen als Hij zegt: "Wie Mij ook een
blad, een bloem, een vrucht en water met
toewijding aanbiedt, dat offer vanuit het hart
door een ziel van goede gewoonten gebracht
aanvaardt Ik." (BG
9.26)
10
Citaten
10.1
Quotes uit de Krishna Bijbel (S'rîmad
Bhâgavatam of Bhâgavata
Purâna)
SB
1.5: 15
- U hebt voor de zaak van de religie de mensen
geïnstrueerd in verband met hun natuurlijke
geneigdheden [om dieren te doden voor hun
voedsel b.v.], hetgeen in feite
afkeurenswaardig en nogal onredelijk is. De
mensen gericht op een dergelijke leidraad zullen
niet denken aan de verbodsbepalingen.
SB
1.17:
38-42
- Sûta zei: "Aldus verzocht, verleende hij
toen Kali de toestemming te verblijven in
plaatsen waar de vier zondige activiteiten van
het gokken, drinken, de prostitutie en het
slachten van dieren [dyûtam,
pânam, striyah, sûnâ]
plaatsvonden. (39) Daarnaast kende de meester,
op zijn aandringen, hem de plaats toe waar het
goud is, daar goud middels de hartstocht de
vijfde zonde is door de valsheid, bedwelming,
lust en vijandigheid die het met zich meebrengt.
(40) Aldus werden op aanwijzing van de zoon van
Uttarâ de vijf verblijfplaatsen aan Kali
toegewezen waar inderdaad de goddeloosheid wordt
aangemoedigd. (41) Derhalve dient een persoon
die uit is op zijn welzijn nimmer zijn toevlucht
te nemen tot welke van deze plaatsen ook, in het
bijzonder niet zij die zich bevinden op het pad
der bevrijding, de adel, de dienaren van de
staat en de leraren. (42) Door het aanmoedigen
van activiteiten ter verbetering van de drie
verloren poten van versobering, reinheid en
mededogen van de stier, werd [door koning
Parîkchit] de aarde volmaakt in ere
hersteld.
SB
4.22:
24
- Met geweldloosheid [als een
vegetariër], volgend in de voetsporen
van de leraren van het voorbeeld, door zich de
Heer der Bevrijding te herinneren, door te
getuigen van Zijn handelingen, door de nectar
van het volgen van de principes zonder een
materieel motief [yama] en door het naar
voorschrift praktisch uitvoeren [niyama]
zal men zo zijn, zonder overtredingen, een
eenvoudig leven levend in het verdragen van de
dualiteit.
SB
4.25:
7-8
- Nârada zei: 'Wacht eens even, o Heerser
der Burgers, o Koning, mag ik u attenderen op
het totaal van al de duizenden van dieren die u
genadeloos hebt gedood in de offerplechtigheden?
(8) Ze staan allen, indachtig het leed dat u hen
hebt aangedaan, kokend van woede op u te wachten
om u met ijzeren hoornen te doorboren nadat u
bent gestorven. (9) Daartoe wil ik u het zeer
oude verhaal vertellen van Purañjana
['hij die uit is op de stad die het lichaam
is'; probeer enkel dit karakter te doorgronden
terwijl ik erover spreek.
SB
4.26: 8
- Zich naar het woud begevend kan een
koning, gedreven door hebzucht, zoals dat is
geregeld, in overeenstemming met de aanwijzingen
van de Veda's, zoveel dieren doden als maar
nodig is voor de offerplechtigheden in de
heilige plaatsen en niet meer dan
dat.
SB
4.27:
11
- Hij, zo vol van verlangens, hield net als u
offerplechtigheden uit respect voor de
voorvaderen, de goden en de groten der
samenleving; en ze waren allemaal even
weerzinwekkend geïnspireerd als ze waren
door het doden van arme dieren.
SB
6.1:
11-12
- De zoon van Vyâsa zei: 'Met het teniet
doen van karma wordt inderdaad, door het
ontbreken van de nodige kennis, niet haar einde
gerealiseerd; wil men er waarlijk mee hebben
afgedaan dan moet men er echt genoeg van hebben.
(12) Zij die het juiste voedsel eten worden
inderdaad werkelijk niet geplaagd door
allerhande ziekten, zo ook heeft hij die handelt
met een ordentelijk in acht nemen o Koning, een
toenemende kans op welbevinden.
SB
7.15:
Nârada's Instructies over Vegetarisch
Delen, Goddeloosheid, Genezen, Yoga en
Advaita
SB
7.15:
7-8
- Nimmer moet men vlees offeren [noch vis en
eieren] met de ceremoniën van geloof,
noch behoort degene die weet heeft van het
dharma [de bestuurder] er persoonlijk
van te eten; met het voedsel voor de geheiligden
behoort er de hoogste voldoening te zijn met
degenen die aanbeden worden en die zelf niet ten
gunste zijn van nodeloos geweld jegens
dieren. (8) Door rechtgeaarde personen
gericht op dat wat het ware is behoort dat
verlangen te worden opgegeven dat andere levende
wezens moeilijkheden bezorgt; er is geen religie
meer verheven dan zo te zijn in je woorden,
geest en lichaam.'
SB
9.6:
6-11
Hij, koning Ikshvâku, gaf zijn zoon eens
tijdens een ashtakâ-s'râddha
[offers aan de voorvaderen gebracht in
Januari, Februari en Maart] de opdracht:
'Breng me zuiver vlees [van de jacht] o
Vikukshi, en ga er nu meteen op uit, zonder te
dralen'. (7) Aldus ging hij daartoe naar het bos
om dieren te doden die geschikt waren voor de
offerandes, maar toen hij vermoeid en hongerig
was at de held vergeetachtig [zonder zich te
realiseren dat het vlees bestemd was voor het
offer] een konijn [zie voetnoot *]
(8) Wat er over was bood hij zijn vader aan die
op zijn beurt hun goeroe [Vasishthha]
vroeg het te zuiveren en die gaf ten antwoord:
'Dit alles is bezoedeld en voor gebruik
ongeschikt.' (9) Door de geestelijk leraar
verwittigd wist de heerser wat zijn zoon had
gedaan en zodoende verdreef hij, er kwaad over
dat hij de vidhi had geschonden, zijn zoon uit
het land. (10) Hij, er feitelijk met de geleerde
als zijn leermeester in discussies toe aangezet,
gaf daarmee in overeenstemming, als een
yogî zijn voertuig van de tijd op en
bereikte zo de allerhoogste positie. (11) Op de
troonsafstand van zijn vader keerde Vikukshi
terug om te heersen over deze planeet de aarde,
met verschillende yajña's de Heer
aanbiddend, en stond alzo bekend als
S'as'âda ['de
konijnen-eter'].
SB.
9.21:
De Dynastie van Bharata: het Verhaal van
Rantideva.
SB
10.1: 4
- Het aanhoren [middels de
paramparâ] van de aangename klanken
van de verheerlijking van de Heer Geprezen in de
Geschriften is het juiste medicijn waarmee de
geest wordt verlost van de materiële ziekte
van zijn verlangens; een persoon, tenzij hij een
doder van dieren is, kan door dergelijke
beschrijvingen, aangehoord of gezongen, zichzelf
verre houden [van de valsheid, zichzelf
beheersen, zie ook B.G.
2:44].
SB
11.5:
11
- Het verslingerd zijn aan de sex en het
consumeren van vlees en alcohol dat inderdaad
steeds wordt aangetroffen in het
geconditioneerde levende wezen wordt waarlijk
door geen schriftuurlijk gebod ondersteund; wat
in dezen is voorgeschreven voor
[respectievelijk] het huwelijk, de
offerplechtigheid en het ritueel gebruik van
wijn, is er voor het doel daar een einde aan te
maken [zie ook
SB 1.17: 38-42].
10.2
Bhagavân S'rî Sathya Sai
Baba
Sai Baba
verklaart dat door het eten van vlees men
gewelddadige neigingen en dierlijke ziekten
ontwikkelt. Hij predikt de basis-principes van
geweldloosheid (mededogen): Sathya - Waarheid;
Prema - Liefde; Dharma - rechtgeaarde
plichtsbetrachting en/of eeuwige waarden;
Ahimsâ - geweldloosheid (mededogen); dat
je niet moet doden, dus een vegetariër moet
zijn; Shanthi - vrede. Vanaf klein kind meed Sai
Baba de plaatsen waar dieren werden geslacht en
waar hij kon redde hij ze van mishandeling en
slachtplaats (zie Sathyam
Sivam Sundaram.)
"Sai
Baba heeft nooit vlees of vis gegeten. God heeft
de dieren niet geschapen om ze te laten doden
door de mensen. Als kind vermeed hij altijd de
plaatsen in het dorp waar varkens, schapen en
kippen werden geslacht of waar vis werd
gevangen. En hij hield zich ook altijd verre van
keukens waar vlees werd gebraden. Wanneer hij
hoorde dat zijn vader of een van de buren een
kip greep om te slachten, dan ging hij erheen en
nam het dier in zijn armen. Meestal werd het
dier daarna toch wel geslacht, maar men voelde
zich dan wat ongemakkelijk. Liefde voor dieren,
ja, daar konden de dorpelingen wel begrip voor
opbrengen, maar niet als het om hun maaltijd
ging. Lichamelijke verlangens gingen bij de
meeste mensen vóór alles. Zijn
houding had wel tot gevolg dat zijn vriendjes
ook bezwaar gingen maken tegen het slachten van
dieren en dat de mensen uit de omgeving zijn
handelen met aandacht gingen volgen. Sommigen
noemden hem toen reeds Brahmajñâni,
een kenner van God. Wanneer zijn ouders vlees
wilden eten en verlangden dat hij dat ook zou
doen, ging Sathya naar het huis van de familie
Karnam. Zij waren immers brahmanen en uit dien
hoofde waren zij vegetariër en hij at dan
mee van het voedsel dat Subbamma bereidde.
Later, toen hij een jaar of zes was en zijn
grootvader Kondama alleen woonde in een huisje
naast dat van Sathya's ouders - zijn vrouw was
inmiddels overleden - ging Sathya geregeld
vegetarisch koken voor hen beiden. Zij
discussieerden dan vaak uitvoerig over allerlei
religieuze onderwerpen en het verbaasde de
grootvader niet, dat zijn kleinzoon kennelijk
zeer goed thuis was in de heilige geschriften. -
Citaat uit: Mijn Naam is Waarheid, door
Wim G.J. van Dijk - ISBN
90-72308-36-0."
"Als je een
dier doodt,' antwoordde Baba, 'veroorzaak je
lijden. God is in ieder schepsel; hoe kun je dan
die pijn veroorzaken? Het een sport noemen om
een dier in de bossen, zijn eigen woonplaats, op
te sporen, is niets minder dan barbaarsheid.'
.... Baba legde hem uit dat je je een zeer zwaar
karma op de hals haalt wanneer je dieren doodt.
Dieren zijn niet gekomen om als voedsel te
dienen voor mensen. Zij zijn gekomen om hun
eigen leven in de wereld uit te werken. Zodra je
beseft dat alles God is en dat je lijden
veroorzaakt wanneer je een dier doodt, zal je
verlangen naar het jagen op dieren en het eten
van vlees vanzelf verdwijnen. - Citaat uit: Mijn
Naam is Waarheid, door Wim G.J. van Dijk - ISBN
90-72308-36-0."
"De herten, de
olifant, de koe, het paard, zij leven van
satvisch (zuiver, rein, goedheid) voedsel
en gedragen zich op eenzelfde manier. Dus,
daarom worden ze gerespecteerd en zelfs aanbeden
door de mens. Tijgers, beren, hyena's en andere
wilde dieren worden gevreesd door de mens en
teruggedrongen naar de uithoeken van bossen en
wouden. Het bevreemdende hiervan is dat het
wilde, de wreedheid en de angst-bezorgende
attributen van deze dieren ook worden ontwikkeld
en tentoongesteld door de mens zelf! De mens
denkt trots van zichzelf dat hij de kroon van
deze schepping is; Hij verklaart dat hij een
vonk van het goddelijke in zich heeft. Maar hij
negeert of onderdrukt die vonk en heeft er
plezier in de kwaliteiten van die wilde, wrede
en gewelddadige dieren van de jungle tentoon te
spreiden - Sathya Sai Baba." [zie
ook: The
World Conference of Animals uit:
Chinnakatha].
"Je kan
beroemd zijn om je geleerdheid en fortuin. Maar
de bij kan je de les leren om vrij te zijn van
lijden. De boom kan je geduld en tolerantie
leren. Hij geeft een ieder schaduw, of je nu een
man of een vrouw bent, welke religie,
nationaliteit of status je ook hebt. De boom is
van dienst met vruchten en schaduw, ook de
idioot die met zijn bijl de boom wil omhakken!
De hond leert je de les in geloof,
dienstvaardigheid en het proces van toewijding -
Sathya Sai Baba."
"Als je langer
wenst te leven, om de maatschappij te dienen, om
goddelijkheid langer te ervaren, houd dan je
voeding in de gaten - Sathya Sai
Baba."
"Als je langer
wenst te leven, om de maatschappij te dienen, om
goddelijkheid langer te ervaren, houd dan je
voeding in de gaten - Sathya Sai
Baba."
"Alleen delen
kan verdriet verminderen en vreugde vermeerderen
- Sathya Sai Baba."
"Waar liefde
is daar is vrede, waar vrede is daar is juist
gedrag, waar juist gedrag is daar is waarheid,
waar waarheid is daar is God, waar God is daar